Zaterdag 7 februari 2026 kwamen de vier teams van ESC in actie in de KNSB competitie. Alle vier de teams speelden een uitwedstrijd. Met name voor ESC 2 en ESC 3 stond er een cruciale wedstrijd op het programma, ze mochten de strijd aanbinden met hun directe concurrent op de tweede c.q. derde plaats. ESC 1 vinden we terug in de middenmoot en ESC 4 staat troosteloos onderaan, voor deze teams was het dus ietwat minder spannend.
ESC 1 (klasse 4C) reisde, net zoals ESC 2, af naar Utrecht. Tegenstander was Paul Keres 6, beide teams hadden een score van 6 uit 5. Na een mooie schaakmiddag moest ESC 1 met een 4,5-3,5 nederlaag huiswaarts keren. Martin Roseboom en Alfred Gaasbeek mochten een winst noteren. Sjoerd Meijer, Diederic ’t Hooft en Arno Braam moesten zich tevreden stellen met een remise. Willem Slagter, Marcel Bourgeois en Sander Rosman leden een nederlaag.
ESC 2 (klasse 5E) mocht het opnemen tegen Paul Keres 7. Beide teams hebben een score van 6 uit 3, winnaar doet goede zaken voor het kampioenschap. Het werd een memorabele schaakhappening waarin ESC 2 uiteindelijk met een 4-4 puntendeling niet ontevreden mocht zijn.
Tim Evendijk en Erik van den Eijkel wonnen hun partij. Ruben de Vries, Tom Pronk, Jim Pronk en Mark Bakker deelden de punten. Verlies was er voor Edwin Groen en Nestor Shirokov.
ESC 3 (klasse 6C) reisde af naar Nijmegen, op bezoek bij UVS 3. Beide teams hadden een score van 6 uit 4 en de winnaar blijft meedoen in de race om het kampioenschap en dus promotie. Dat ESC 3 maar één doel heeft is duidelijk, ze willen kampioen worden en promoveren. UVS 3 werd met klinkende cijfers van 6,5-1,5 verslagen! Egbert Aalbers, Dick Wenning, Jonathan Karels, Bram Feenstra en Albert Bootsman wonnen hun partij. Willem de Wilde, Hans Thuijls en Mathijs van Dijk speelden remise

ESC 4 (klasse 6D) moest op bezoek bij Schaakstad 5 uit Apeldoorn 5 voor hun vierde partij. Doel was om van die hatelijke nul af te komen. We moesten het opnemen tegen de “jonkies” van Schaakstad, denk dat de gemiddelde leeftijd minimaal vijftig jaar jonger was dan de ESC’ers. Uiteindelijk moesten we met een 6-2 nederlaag huiswaarts keren. Kees van der Dussen won reglementair omdat zijn tegenstander op het laatst moment had afgezegd. Peter Hekman en Robert Degenhart speelden remise. Ben Verduyn, Fedde Kingma, Tom Smit, Martien van den Eijk en Kai Waninge verloren.

Robert Degenhart en Peter Hekman deelden de punten bij ESC 4
Verslag ESC 1
Bord 1: Diederic ’t Hooft – Jeroen Bollaart ½ – ½
Omdat het team al vier invallers had, wilde ik me niet ziek melden. Vol met paracetamol kreeg ik een ingewikkelde Moderne opening voorgeschoteld. Beiden speelden we het heel matig. Ik kwam beter te staan met een stuk voor tegen twee pionnen maar druk voor zwart. Om een lange manoeuvreerpartij te voorkomen, bood ik remise aan.Bij de analyse achteraf kwam een wat oudere man meekijken. Die zag het allemaal veel beter dan mijn tegenstander en ik. Bleek Rini Kuijf te zijn, oud Nederlands kampioen!
Bord 3: Willem Slagter – Ger Hageman 0 – 1
Willem speelt het koningsgambiet te passief. Zijn tegenstander (1980) weet hier wel raad mee. Een klein overwicht van zwart wordt langzaam maar zeker groter. Na gedwongen dameruil is het een kwestie van techniek. Snel vergeten.
Bord 4: Ronald Gouma – Martin Roseboom 0 – 1
In een Zwarte Leeuw kiest wit voor de opzet met e4, d4, f4 en Pf3. Zwart ruilt op d4 en wit slaat met het paard en de overgang naar een Pirc achtige opzet volgt. Als wit het verleidelijke f5 speelt krijg ik het veld e5 voor mijn paard. Ik kan mijn witvelderige loper ontwikkelen naar b7. Dat blijkt het ideale veld te zijn en als wit de pion e4 weggeeft sta ik plots gewonnen en geeft mijn tegenstander op.
Bord 5: Marcel Bourgeois – Harm-Theo Wagenaar 0 – 1
In de opening wilde ik met een aanvallende paardzet een blunder van de tegenstander uitlokken maar daar trapte hij niet in. Heel simpel, met een pion zetje, dwong zwart het paard naar een ander veld. Ik kon kiezen tussen een dubbelpion en een open koningsstelling. of verlies van één pion. Wit koos helaas het eerste. Uiteindelijk, na afruil van alle stukken bezorgde die extra pion mijn tegenstander de overwinning.
Bord 6: Wim Velker – Sander Rosman 1 – 0
Tegenstander speelde een vleugelgambiet tegen het Siciliaans. Ik kwam in een stelling met dreiging paard c7 met vork op toren en koning, waar erg moeilijk aan te ontsnappen was. Uiteindelijk verlies ik de toren en geef ik het op.
Bord 7: Alfred Gaasbeek – Jaap van Oosten 1 – 0
Na de opening stond ik snel beter, een opgespeelde pion kon veroverd worden. Met een dameoffer, die zwart niet mocht aannemen won wit een paard. Zwart kreeg door minder goede voortzetting van wit het stuk terug, het dame-eindspel met 3 pionnen meer was daarna gewonnen.
Bord 8: Kees Vreeken – Arno Braam ½ – ½
In deze partij, gespeeld in de buurt van mijn oude wijk, kwam de witspeler na een gelijk opgaand begin in het middenspel beter te staan, zeker toen hij met zijn d-pion dreigde te gaan promoveren. Promotie kon ik alleen voorkomen door een toren te offeren voor een loper. De volgende dreiging ontstond toen een witte toren via de open h-lijn kon binnenkomen op de laatste twee rijen. Hij slaagde er niet in de beslissende zet te vinden en berustte in remise, door nuttig verdedigend samenspel van koning en loper, al bleef hij volgens Fritz duidelijk voordeel houden.
Verslag ESC 2
ESC 2 geeft de winst weg maar krijgt een 4-4 tegen Paul Keres 7.
Nestor Shirokov was als eerste klaar. Hij viel heftig aan en kreeg een feitelijk gewonnen stelling (+2). Maar daarna deed hij ineens een stuk in de aanbieding en niet veel later moest hij met 5 pionnen tegen twee stukken uiteindelijk de vlag strijken, 0-1. Na een overwinning van Tim Evendijk vielen er remises bij Tom Pronk, Mark Bakker en Ruben de Vries dus 2,5 – 2,5. Edwin verknalde op onbegrijpelijke wijze een remise-eindspel met beiden onder de 30 seconden op de klok. Hij was even in de war en moest nog een keer kijken voor hij een zet deed. Toen hij na de zet de klok indrukte was het net te laat; tijdoverschrijding op 1 seconde en een weggegooid halfje en 2,5 – 3,5 achter. Jim Pronk en Erik van den Eijkel speelden nog en beiden zouden niet meer dan remise kunnen halen. Dat gebeurde bij Jim het eerste en het hele team was bijzonder chagrijnig dat de wedstrijd zo met 3,5 – 4,5 onnodig verloren zou gaan terwijl winst voor het grijpen had gelegen. Maar in het altijd lastige vijfde uur voltrok zich een klein wonder. De tegenstander van Erik wilde uit eeuwig schaak lopen maar liep zo een overduidelijk matnet in. Mat in drie en toch nog 4-4!
Met nog twee ronden tegen de nummer één Wageningen 3 en de nummer drie Almere 3 zijn we nog in de race voor de titel, zeker omdat Paul Keres 6 de laatste ronde tegen Wageningen 3 speelt. Kortom: spanning volop!
Spelersverslagen:
Bord 1: Ruben de Vries – Rogier Burger 0,5 – 0,5
Ruben speelde een gambiet, een pion geven voor een aanval. Zwart kende het en speelde secuur. Hierdoor had hij een klein voordeel uit de opening. In het middenspel bleef dit voordeeltje voor zwart, tot het door een onnauwkeurigheid weer gelijk kwam te staan. De pion werd teruggewonnen en zwart bood remise aan. Ruben speelde nog door en dacht een pion te kunnen winnen maar had weinig tijd in de complexe stelling. Omwille van de tijd werd een makkelijk vervolg gekozen en werd het alsnog remise.
Bord 2: Jaimie Soeterbroek – Tim Evendijk 0 – 1
Tim speelde de opening vrij vlot, waardoor er zonder nadenken een half uur tijdswinst werd gepakt. De tegenstander pakte het echter daarna agressief aan door na korte rokade g4, f4-f5 te spelen. Beide spelers kregen een zwakke koning. Tim wist een pion te winnen en kon binnendringen op de 2e rij. Door de zwakke koning werd na een grootscheepse ruil 3 pionnen gewonnen door Tim en actieve stukken. Na even doorspelen gaf de tegenstander zich gewonnen.
Bord 3: Nestor Shirokov – Dustin van Weersel 0 – 1
Nestor had een geweldige start in de opening. De tegenstander reageerde met b6 op c4 wat Nestor de mogelijkheid gaf om een groot centrum op te bouwen en snel te kunnen ontwikkelen. De tegenstander had de stelling onderschat en stond positioneel heel zwak. Hoewel Nestor met zijn sterke paarden een pion op c7 had gepakt, moest hij toch nauwkeurig zijn. Kort daarna wilde Nestor zijn witte loper op een mooi plekje op h3 zetten om een lange diagonaal te controleren. Echter, was Nestor te snel met deze zet waardoor hij een schaakje van de zwarte dame op h6 had gemist. Hierdoor moest wit een stuk opgeven en was zwart weer levend met een enorm voordeel. Nestor probeerde met zijn pionnen en een torenoffer nog spel te creëren, maar een eindspel met één dame tegen een dame en 2 stukken was teveel. Na het afruilen van dames gaf Nestor op.
Bord 4: Paul van der Pas – Tom Pronk 0,5 – 0,5
Tom speelde met zwart de opening te passief. Wit bouwde de druk langzaam op en Tom kwam steeds meer in de problemen, zowel op het bord als op de klok.
Toen Tom zich dacht te kunnen bevrijden met d5 ruilde zijn tegenstander
eerst een aantal stukken, waarna Tom zag dat hij een stuk zou gaan
verliezen. Zijn tegenstander overzag echter de winnende combinatie, waarna Tom kon afwikkelen naar een dame eindspel waarin al snel tot remise werd besloten.
Bord 5: Erik van den Eijkel – Joren Tuerlings 1 – 0
In een Italiaanse partij, de vier paarden variant ging het gelijk op. Een beetje voorzichtig vanwege de hoge rating van mijn tegenstander speelde Erik misschien iets te passief. Een verkeerde voortzetting van zwart op zet 27 gaf mij een groot voordeel (+1.67) Die voorsprong wist hij uit te breiden tot +3.73 wat een winnende voortzetting zou moeten geven. Toen begon echter de tijdsdruk mee te spelen en deed Erik een paar mindere zetten waardoor de stelling weer in evenwicht kwam. Het eindspel werd nog even flink spannend, een promotie op a1 dreigde maar dat wel ten koste van een eeuwig schaak optie voor Erik. Zijn tegenstander wilde echter meer, maar hij liep zomaar ineens matnet in. Uiteindelijk dan toch nog de overwinning na eerder al gewonnen te hebben gestaan.
Bord 6: Joost Veltman – Edwin Groen 1 – 0
Na een geweigerd damegambiet probeert wit met paard en loper druk via de witte diagonaal te zetten. Zwart countert echter sterk en komt na de breekzet c5 erg goed te staan. Op zet 16 slaat Edwin met een loper i.p.v. een toren op d7 terug en krijgt wit tempi kado. Na veel spanning ontstaat een eindspel dame-toren dat remise is, maar beiden spelen door met nog 30 seconden op de klok. Waar Edwin om nog steeds onverklaarbare reden ineens door de tijd gaat en daar is hij nog steeds heel heel erg beroerd van.
Bord 7: Mark Bakker – David Koole 0,5 – 0,5
Mark speelde een gelijk opgaande partij, waarin beide spelers probeerde hun paarden op sterke velden te krijgen, maar ook te voorkomen dat de andere partij zijn paard op een sterk veld kreeg. Dit zorgde voor een interessant, maar ook een afwachtend schouwspel. Nadat uiteindelijk een groot aantal stukken werd afgeruild, kwam er een eindspel met gelijk materiaal. Beide partijen konden niet in de aanval, omdat zij dan het risico liepen zelf de partij te verliezen, dus kwamen ze remise overeen.
Bord 8: Ton van Garderen – Jim Pronk 0,5 – 0,5
Jim speelde met zijn geliefde zwart kleur. Jim spendeerde veel tijd in de opening wat hem uiteindelijk geen windeieren legde. Hij kwam beter te staan met uitzicht op een mogelijke overwinning. Echter verprutste Jim dit in tijdnood. Waarna hij een lastig eindspel moest gaan uitspelen om proberen remise te houden. Dit lukte uiteindelijk en met een dubbel gevoel kon Jim de stukken in de doos doen.
Verslag ESC 3
Edese Schaak Combinatie 3 boekte een overtuigende uitzege op UVS 3: 1½ – 6½. Hieronder de partijverslagen per bord, in de woorden en stijl van de spelers zelf.
Bord 1 – Jonathan Karels – Sjors Clabbers : 1 – 0
Jonathan speelde met wit tegen Sjors Clabbers. Jonathan kwam goed uit de opening en wist, na lang te hebben gerokeerd, met de f-, g- en h‑pionnen dreiging bij zwart te creëren. In een poging een tegenaanval te lanceren offerde zwart een toren en wist het nog even spannend te maken, maar toen dit uiteindelijk op niks uitliep, gaf zwart op.
Bord 2 – Jan Hendrik Donkervoort – Willem de Wilde : ½ – ½
Jan Hendrik Donkervoort speelde met wit tegen Willem de Wilde. Na een d4–d5‑opening kwam het Londensysteem op het bord. Het was duidelijk dat beide spelers dit systeem kenden. Langzaam maar zeker gingen de nodige stukken eraf. Willem had het gevoel dat hij nog twee uur kon doorspelen met remise als resultaat, vandaar dat hij dit aanbood. Het voorstel werd geaccepteerd.
Bord 3 – Bram Feenstra – Ruud van Roosmalen : 1 – 0
Bram Feenstra speelde met wit tegen Ruud van Roosmalen.
Wit opent sterk en weet gelijk het centrum te winnen. Zwart heeft moeite met deze agressieve speelstijl en verliest na een aantal zetten twee pionnen. Wit probeert dit vast te houden, maar blundert ze later weg. Eén pion weet hij weer te winnen en hiermee weet wit uiteindelijk te winnen.
Bord 4 – Dick van Nuland – Hans Thuijls : ½ – ½
Hans speelde met zwart tegen Dick van Nuland en kreeg de symmetrisch Engelse opening op het bord. Wit kreeg het initiatief en druk op de d‑lijn. Zwart moest het witte paard afruilen, waardoor wit een vrijpion kreeg, maar zwart kreeg wel tegenspel. Wit kwam niet verder en daarom bood Hans remise aan. Dit werd aangenomen, waardoor de overwinning zeker was.
Bord 5 – Albert Bootsman – geen tegenstander: 1R – 0R
Albert Bootsman had geen tegenstander en na 1 uur was het dus reglementair 1–0.
Bord 6 – Frans Nijhuis – Mathijs van Dijk : ½ – ½
Frans Nijhuis tegen Mathijs in een Queen’s Gambit Declined. Vermoedelijk hadden we beiden dingen laten liggen in de opening, maar in de analyse bleek dat er enkel kleine onnauwkeurigheden waren in de partij, geen fouten. We kwamen dan ook in een theoretische remisestelling terecht en maakten er niet veel later een remise van. 0,5–0,5
Bord 7 – Dick Wenning – Tobi Scheijndel : 1 – 0
Speelde weer zijn Damengambiet. Dick kwam goed uit de opening (+0,6). In het middenspel kreeg zwart een sterke loperdiagonaal vanaf b7. Na 30 zetten had Dick nog 20 minuten en zwart 30 minuten. Dick vereenvoudigde de stelling tot dames en twee torens en twee centrumpionnen. Zwart had ook de dame op h6 staan en twee torens die nog wel in het spel stonden. Dick offerde zijn dame door een toren te slaan. Zwart mocht niet terugslaan, want dan ging hij mat. Zwart gaf op. Hij had er behoorlijk de P in omdat hij het remiseaanbod had afgewezen. Dat hij het afwees, was in teambelang — ze stonden al 2,5–1,5 achter — maar het bleef zuur voor hem.
Bord 8 – Arjan Schoonen – Egbert Aalbers : 0 – 1
Egbert speelde met zwart een Siciliaanse opening. Zwart had een klein overwicht op de damevleugel. Dat leverde een pion op die in het eindspel de winst opleverde. Arjan Schoonen deed een aanval op de koningsvleugel die werd gepareerd. Zwart ruilde stukken af en pakte nog een pionnetje. Tijd voor wit om op te geven.
Met deze ruime overwinning blijft ESC 3 stevig in de race om het kampioenschap. In de ranglijst staat ESC 3 nu met 8 matchpunten en 27 bordpunten direct achter koploper SMB 2, dat 9 matchpunten heeft.
Dat betekent dat de opdracht helder is:
In de laatste ronde moet ESC 3 thuis winnen van SMB 2 om kampioen te worden!
Alles ligt in eigen hand. De spanning voor de slotronde kan bijna niet groter.
Verslag ESC 4
Kees van der Dussen mocht aan bord 8 een reglementaire overwinning noteren.
Als eerste ging bij Kai Waninge aan bord 6, spelend met zwart, de stukken in de doos. Kai vergaloppeerde zich volledig in de opening en het was zo’n tien zetten al verloren.
Bij de partij tussen Ben Verduyn met wit aan bord 1 ging tot het middenspel gelijk op. Door een blunder verloor Ben een pion en enkele zetten later volgde een tweede. Ben probeerde de schade nog te herstellen, maar toen zijn tegenstander op de afruiltoer ging was het snel gebeurd.
Robert Degenhart speelde met zwart aan bord 4 een goede partij. Robert won in het middenspel twee pionnen en niets leek een overwinning in de weg te staan, totdat zijn tegenstander met een subtiel zetje eeuwig schaak kon geven, dus een puntendeling.
Aan bord 7 was Peter Hekman met wit in meer dan goede doen. Vanaf de opening pakte Peter het initiatief en won in het middenspel twee pionnen. Verkeerde afwikkeling in het eindspel kostte hem een pion, waarna hij een mogelijke winst niet meer zag zetten en remise aanbood, welke direct door zijn tegenstand werd geaccepteerd.
Martin van den Eijk speelde aan bord 5 met wit een goede partij. Nadat alle stukken waren afgeruild had zijn tegenstander net een iets betere pionstructuur, welke Martin uiteindelijk de kop kostte. Jammer want Martin had op zijn minst een puntendeling verdiend.
Tom Smit speelde aan bord 3 met echt een uitstekende partij. In het eindspel stond Tom een pion achter, maar kon hij met zijn dame een verassende zet doen, die de partij wellicht kon keren. Zijn tegenstander dacht daar anders over en accepteerde het remiseaanbod van Tom niet. Tom kon zijn aanval met de dame niet verzilveren en most toezien dat hij een tweede pion verloor. Zijn tegenstander speelde de partij daarna vakkundig uit naar winst.
In een tot het middenspel gelijk opgaande partij verloor Fedde Kingma aan bord 2 in het middenspel een kwaliteit tegen twee pionnen. Opgeven komt niet voor in het woordenboek van Fedde en hij koos voor een tegenaanval met een paard en zijn dame. Zijn tegenstander moest alle zeilen bijzetten om de dreigingen te pareren maar uiteindelijk lukte hem dat en moest Fedde als laatste ESC’er zijn tegenstander feliciteren.
Uiteindelijk een harde 6 – 2 nederlaag voor ESC 4, advies Peter Hekman volgen?


